Conophytum burgeri – deel 3/6

Conophytum burgeri – deel 3/6

Conophytum burgeri – deel 1: succulenta.nl/conophytum-burgeri-deel-16/ Conophytum burgeri – deel 2: succulenta.nl/conophytum-burgeri-deel-26/
Vorst Hoewel Nederland niet vergelijkbaar is met Siberië, krijgen we natuurlijk wel geregeld (lichte) vorst in de winter. Slechts heel af en toe keldert de temperatuur tot ver onder het nulpunt. Tussen december en maart staan de meeste van mijn succulenten gedurende hun winterrust veilig binnen in een onverwarmde kamer. Zo hoef ik me in ieder geval geen zorgen te maken over een hoge elektriciteitsrekening. Of te maken krijgen met de gevolgen van een niet werkende verwarming, of de gevolgen van stormschade met door glas doorboorde planten. Ken de Wet van Murphy! En hoe zit dit met de winteractieve succulenten? Deze probeer ik zo veel als mogelijk natuurlijk licht te geven gedurende de winter, dus zij blijven in de broeikas. Door de grootte van mijn broeikas (dertig vierkante meter) is het ondoenlijk het geheel te verwarmen. Daarom heb ik een kleine ruimte ingericht waar de planten dan in verblijven. Deze ruimte is ongeveer twee vierkante meter in oppervlak en 1 kuub in volume. Dit is makkelijker te verwarmen en effectieve vorstvrij te houden dan een grote broeikas. Ik gebruik voor de verwarming een simpele ventilatorkachel en een aparte thermostaat om de ventilator te bedienen. Aan de thermostaat zit een draad, en aan het eind van deze draad zit een sensor. De sensor kan ik in de buurt van een plant aan de andere zijde van de te verwarmen ruimte leggen, zodat ik er wel van verzekerd ben dat de warmte overal zal komen. De thermostaat zet de ventilator in werking wanneer de temperatuur tot 0.1C is gedaald. Zodra de ventilator de ruimte heeft opgewarmd tot 5C, wordt deze weer uitgeschakeld. Tot het moment dat de vrieskou weer de overhand begint te krijgen en de thermostaat de ventilator weer aanzet. Op zonnige winterdagen verwarmt de zon de broeikas makkelijk op tot 25C of meer, zodat de planten de meeste dagen niet hooguit met 5C te maken zullen krijgen. Hoe voorzichtig je ook bent, er kan altijd iets mis gaan. Soms heb je het zelf in de hand, andere keren ben je van andere factoren afhankelijk. Een stroomstoring bijvoorbeeld. Maar heb je zelf de thermostaat wel goed ingesteld? Stond de ventilatorkachel wel rechtop, zodat de veiligheidspal aan de onderzijde was ingedrukt? Een probleem met het laatste heb ik helaas al een keer meegemaakt. In een poging de beperkte ruimte in de verwarmde ruimte zo effectief te benutten, heb ik een aantal planten en de ventilator verplaatst. Om een of andere reden stond de ventilator daarna niet helemaal recht meer, zodat de veiligheidspal aan de onderzijde door het gewicht van de ventilator niet ingedrukt kon worden. Deze beveiliging zit erin om een brand te voorkomen, wanneer de ventilator zou omvallen. In mijn geval stond het slechts een heel klein beetje scheef, toch wilde het ondanks dit niet aanslaan. Uiteraard kwam ik hier pas achter nadat er alweer een paar nachten vorst waren geweest. Door deze sullige fout moeten de planten twee opeenvolgende nachten van -7C overleven. Conophytums kunnen lichte vorst eigenlijk wel redelijk goed aan wanneer ze eenmaal volwassen zijn. En zelfs een erg delicaat uitziende plant als Conophytum burgeri kan dergelijke temperaturen overleven, zo blijkt. Goed te weten voor toekomstige problemen met de verwarming. Helaas ben ik wel mijn eenjarige zaailingen allemaal kwijtgeraakt… (Wordt vervolgd…)

Vergelijkbare berichten

  • |

    Opendeurdagen België: fotoverslagje

    In het weekend van 19 en 20 juni hielden enkele Belgische liefhebbers opendeurdagen. Het heeft een hele tijd geduurd, maar eindelijk konden we weer bij elkaar over de vloer om samen te genieten van onze hobby. Dat er nog maar veel meer dagen als dat weekend mogen volgen! Foto’s: Frans Mommers [su_image_carousel source=”media: 40976,40977,40978,40979,40980″ slides_style=”photo”…

  • Mammillaria theresae

      Mammillaria theresae zal je niet gauw met een andere plant verwisselen (of het zou met de pas in 2003 beschreven en nog zeldzame Mammillaria roczekii zijn die zowel een overeenkomstige bedoorning als bloeiwijze heeft).  Een bloeiende plant is schitterend. De paars-roze bloemen zijn 3,5 cm in doorsnede en wel 5 cm lang en doen denken…

  • Mammillaria hernandezii

    Deze prachtige klein blijvende mammillaria is relatief nieuw, want ‘pas’ in 1983 beschreven. De plantjes worden in de natuur niet groter dan 2,5 cm (diameter en hoogte). De doorntjes die enigszins kamvormig aan de iets wollige areolen staan, zijn ongeveer 2 mm lang. De plant is niet zo gemakkelijk in de cultuur, vooral ook omdat…

  • Egelcactus

    Door de corona-crisis kunnen we helaas niet reizen. Tot de tijd dat we weer op pad mogen moeten we het doen met herinneringen. Op weg van de Death Valley naar Las Vegas via wegnummer 190 en ter hoogte van de Pyramid Peak kwamen we deze prachtige meerkoppige Echinocactus polycephalus (egelcactus) tegen: Tekst en foto’s: Frans…

  • Muiria hortenseae

    Muiria hortenseae (of Muiria hortense, zoals deze plant ook genoemd wordt) is op papier een lastige plant om in cultuur te houden. Meestal wagen alleen de volharde mesemliefhebbers zich aan deze kleine harige bolletjes. Ik mag kort door de bocht Muiria zeggen, aangezien het een monotypisch geslacht is. Er zijn geen andere soorten binnen Muiria,…

  • Nieuw boek over de Echinocereus coccineus groep

    De Arbeitsgruppe Echinocereus heeft een nieuw (Duitstalig) boek uitgegeven. Het gaat over de soorten en variëteiten in de coccineusgroep. De roodbloeiende planten uit deze groep behoren tot de mooiste binnen het geslacht Echinocereus. Met 774 foto’s, 560 pagina’s en veel gedetailleerde informatie over de soorten en standplaatsen is dit boek een echte aanrader voor alle liefhebbers…