skip to Main Content

Pseudolithos migiurtinus – deel 3/4

Pseudolithos migiurtinus – deel 1: succulenta.nl/pseudolithos-migiurtinus/
Pseudolithos migiurtinus – deel 2: succulenta.nl/pseudolithos-migiurtinus-deel-24/


Wat een Pseudolithos mede boeiend maakt, zijn de bloemen. Ze kunnen bloeien als ze al een paar centimeter groot zijn. En die grootte kunnen ze met een paar jaar al bereiken. Bij mijn planten komen de bloemen de hele zomer lang af en aan. De bloemen verschijnen als een scherm aan de plant, met meerdere bloemen tegelijk, en blijven een paar dagen open. De bloemknoppen zijn groen, maar zodra ze openen komt de paarsbruinige kleur van de bloemen tevoorschijn. Een aparte kleur, die je bij meer Asclepiads tegenkomt.

Aan het uiteinde van elke bloem bevinden zich kleine haartjes. Ze zijn blijkbaar erg gevoelig voor luchtverplaatsing; bij een minste of geringste luchtstroming zie je de haartjes heen-en-weer wapperen. Ook als er op het eerste oog geen enkele luchtbeweging is in de kas, wuiven ze enthousiast. Het evolutionair voordeel (indien aanwezig) hiervan is mij onbekend, maar voor het aantrekken van bestuivers heeft de plant een andere manier. Zoals bij sommige andere Asclepiads is het de geur die deze bloemen mede kleurt; de bloemen ruiken wat welonriekend. In het geval van Pseudolithos migiurtinus ruiken de bloemen naar rottend vlees. Vliegen zijn de bestuivers van een Pseudolithos, en ik heb al menig vlieg betrapt op de bloemen van mijn plant, in de hoop een geschikt karkas gevonden te hebben om hun eieren achter te kunnen laten. Ze worden immers aangetrokken door de geur van de dood die de bloemen uitwasemen, en dus voor de gek gehouden. Uit eigen ervaring kan ik vertellen dat de geur behoorlijk overeenkomt met écht rottend vlees. Ik heb afgelopen juni een vergelijking kunnen maken tussen de geur van een op dat moment bloeiende plant, en de geur die vrijkwam van een al ver in de ontbindingsfase verkerende kip die ik tussen de struiken vond en heb begraven. Ik moet zeggen, ik rook eigenlijk geen verschil. Als het warm is in de broeikas, ruiken de bloemen sterk. Zodra ik mijn kas betreed ruik ik al van een paar meter afstand de geur van de dood en weet ik dat er weer eentje in bloei staat.

(Wordt vervolgd…)

Back To Top