skip to Main Content
Plantenperikelen

Plantenperikelen

Het is weer warm in Nederland. Dat leidt bij ons thuis altijd weer voor meer zorg voor de levende have, te weten de dieren en de planten.

Inmiddels staat het leeuwendeel van mijn succulenten weer in het plastic kasje van anderhalf bij anderhalf dat in een hoek van het terras is geparkeerd in afwachting van de nog te bouwen serre. Alleen mijn belangrijkste collectie staat niet in de kas, die staat in de vensterbank op de slaapkamer alwaar ze eigenlijk te weinig licht krijgen. “Waarom dan niet in die kas?” zou je zeggen… Nou, zoals veel mensen escargots als een delicatesse beschouwen, beschouwen de “escargots hortulanus” (de tuinslakken dus) mijn Dorstenia’s als een ware lekkernij en beklimmen daarvoor zelfs latjes en metalen rekjes op voor hen enorme hoogtes om zich tegoed te doen aan deze door mij zo geliefde planten.

Vanalles heb ik reeds geprobeerd om hun migratie naar mijn plantenkasje tot staan te brengen, maar zelfs vliegreizen naar groenere oorden (de door onkruid overwoekerde jungle waaronder de tuin van mijn buurvrouw ergens schuilt) hebben geen effect gehad. Het zijn net van die sprinkhanen die hele oogsten verorberen in Afrika, maar dan langzamer.

Wat dat betreft heeft dit huis volgens mij altijd al last gehad van slakken. In ieder geval sinds wij er zijn gaan wonen in 2007. Het begon toen op een koude najaarsnacht. Een van onze katten stond bij de voerbak in de keuken en slaakte een aantal zeer klagende miauw- kreten uit die mij tot inspectie over deden gaan. Nu maakt mijn kat wel meer geluid hoor, als ik kats zou spreken dan zou ik waarschijnlijk tot de conclusie komen dat je hele discussies met hem kunt voeren, maar de ene miauw is de andere niet en zo was deze duidelijk met de boodschap dat er iets mis was in de keuken. En wat ik aantrof was horrorfilm-waardig: een aantal naaktslakken was ongezien binnengeslopen en had zich over de brokjes in de voerbak van de katten ontfermd. U kunt zich wel indenken wat dat voor gezicht moet zijn geweest.

Gezien het feit dat deze slakken dak- en thuisloos zijn stelt ze in staat tot Houdini-achtige praktijken en zo ontdekten wij dat ze waarschijnlijk in de kruipruimte bivakkeren en als het te koud wordt wurmen ze zich door kieren en naden van de houten vloer en belanden ze in de keuken. Met alle gevolgen van dien. Dus slakkengif onder het aanrecht gestrooid maar door de katten kan ik dat niet vrij in de hele keuken toepassen, anders heb ik meer dan alleen dode slakken. Dus wij kampen al jaren met deze vieze slijmerige weekdieren aan het begin van de winter en moeten het er blijkbaar maar mee doen want we kunnen niet in de bewuste kruipruimte komen om ze ter plekke te bestrijden.

In de kas heb ik inmiddels een café geopend. Bier is een van de weinige geneugten die de voorkeur hebben boven het vlees van Dorstenia’s. Alleen zijn mijn slijmerige kroegbezoekers slechte zwemmers en wet en ze geen maat te houden. “houdt het gezellig, drink met mateN” gaat hier echter wel op, want ze zuipen zich met velen, zowel huiseigenaren als daklozen, een delirium waarna ze verzuipen in het bier. Een mooie dood, vindt u niet? Het geeft alleen zo’n stinkende rommel…Maarja, dat beter dan allemaal aangevreten succulenten in de kas.

Overigens blijven er ondanks bovengenoemde maatregelen nog genoeg slijmjurken over om last van te hebben. Onlangs kreeg de overlast van deze diertjes een geheel nieuwe dimensie. Ik was onkruid aan het wieden in de jungle van mijn buurvrouw, die nog tot half oktober in Australië verblijft. Dat is overigens geen gunst maar meer noodzaak want door onze open hekken zaait het onkruid uit haar tuin zich als een razende uit en als ik het niet bijhoud wordt mijn tuin net zo als die van haar. Bij afwezigheid van een kniekussentje o.i.d. doe ik dat zittend op het pad met een emmer naast mij voor het ongewenste groen. Dat ik opstond en mijn achterste afstofte kwamen mijn vingers echter iets anders tegen als blaadjes, zand en takjes. U raadt het al, ik had mijn zitvlak bovenop zo een slijmerig weekdier geparkeerd, hetgeen de slak in kwestie uiteraard niet heeft overleefd.

Vervolgens heb ik mijn broek gelijk boven in de wasmachine gedeponeerd, maar wat schetste mijn verbazing anderhalf uur later: het slijm hield hardnekkig vast aan mijn linnen broek bij 40 graden Celcius. Al met mijn hoofd bij het shoppen voor een nieuwe soortgelijke broek de bewuste broek met een witte was op 60 graden meegewassen. Dit leidde tot de volgende conclusie: naaktslakken kunnen niet tegen 60 graden en/of Vanish. De vlek was verdwenen!

Dus zoals Meneer Cactus altijd zei: “En wat hebben we hier nu van geleerd?”

1: “Houdt het gezellig, drink met maten”

2: trek in de tuin geen broek aan die je niet heet mag wassen, want je weet maar nooit…slak-1

Back To Top